In de achtervolging
In straatfotografie moet je een interessant onderwerp soms twee keer tegenkomen om uiteindelijk de foto te krijgen die je voor ogen hebt.
Ik was laatst in Groningen om mijn foto te maken voor het project Kettingfoto van de Straatfotoclub. Toen dat gelukt was, liep ik nog een rondje door de stad. En zoals altijd hield ik mijn ogen open voor leuke honden. Uit mijn ooghoek zag ik een prachtige witte poedel lopen, geflankeerd door een kleurrijk baasje en haar metgezel. De hond was getrimd zoals een poedel blijkbaar getrimd hoort te zijn. Alles bij elkaar een opvallend trio. Daar wilde ik wel een foto van.
Alleen liep ik op de verkeerde plek. Ik was te ver weg en zag ze eigenlijk pas toen ze me al voorbij waren. Dus erachteraan. Ik maakte een paar foto’s van achteren, maar wist meteen: dit is niet wat ik wil. Er zat maar één ding op. Tempo maken.
Ik zette er een stevigere pas in dan mijn beoogde onderwerp en probeerde een flink stuk voor ze uit te komen. Dat heb ik vaker gedaan. En het gaat ook regelmatig mis. Heb je ze eindelijk ingehaald, draai je je om voor de perfecte positie en blijkt je onderwerp ineens te zijn overgestoken. Of een winkel binnen te zijn gegaan.
Gelukkig gebeurde dat deze keer niet.
Eenmaal voor ze hield ik mijn camera wat lager en liet het kleurrijke trio gewoon op me af komen. Ik gebruik daarbij een langzame burst van drie foto’s per seconde. Dat kan net het verschil maken: ogen open, een goede houding en benen die net even wat dynamischer staan.
In totaal maakte ik veertien foto’s van deze scène. Een paar daarvan zie je hier in het klein.
Uiteindelijk had ik de foto die ik voor ogen had.
Soms moet je in straatfotografie dus niet alleen goed kijken. Je moet af en toe ook behoorlijk doorlopen om je onderwerp een tweede keer tegen te komen.
